Beter worden

Dankzij samenwerken

Lees verder Lees verder

Dankzij samenwerken

Beter worden
beeldmerk blijven leren

Als ambulancedienst staan we overal tussen. We zijn de smeerolie tussen de ziekenhuizen, huisartsen, verloskundigen, brandweer, noem maar op. In de zorg opereer je nooit alleen. Snel schakelen we met elkaar om ervoor te zorgen dat de patiënt goede zorg krijgt. In deze samenwerkrelaties zoeken we continu naar punten die beter kunnen. In gesprekken en met nieuwe afspraken verbeteren we vervolgens de samenwerking. Meer dan ooit werken we met elkaar, op gelijkwaardige voet.

×

Politie

De politie ondersteunt en beschermt ons waar nodig. Ze houden kruispunten vrij en begeleiden ons op de motor als de ambulance zo geleidelijk mogelijk moet rijden. In tegenstelling tot ons mogen zij de toegang tot een pand forceren.

2016
  • De politie heeft het initiatief genomen voor gesprekken over het vervoer van verwarde personen. Het doel van de gesprekken: goede afspraken maken over het op een menswaardige manier opvangen en vervoeren van verwarde personen. Dus geen politiebusje als er geen sprake is van een strafbaar feit en geen ambulance als daar geen indicatie toe is
×

Brandweer

We ondersteunen elkaar bij grootschalige inzetten. De brandweer bevrijdt de slachtoffers. Na het sein ‘veilig’ komen wij in actie.

2016
  • De brandweer verleende ons 539 x tilassistentie
  • Andersom stonden wij bij grote incidenten 28 x stand-by
×

Brandweer First Responder

De Brandweer First Responder (BFR) is min of meer een verlengde arm van de ambulance. Wij leiden hen zelf op zodat ze, als het nodig is, kunnen starten met een reanimatie.

2016
  • Het aantal kazernes met een BFR-team werd opgehoogd van 13 naar 27. Hierdoor zijn BFR-teams in alle randgebieden actief
  • BFR is 175 x ingezet
  • 10 x inzet van een buddy: een verpleegkundige of chauffeur die als gesprekspartner dient na een heftige inzet.
×

KNRM

Samen met de reddingsbrigades Katwijk en Noordwijk biedt de KNRM (Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij) ondersteuning aan de kust. Als ambulancedienst in de kuststreek hebben wij deze samenwerking hard nodig

2016
  • De KNRM werd 51 x gealarmeerd om ons te assisteren
  • Enkele medewerkers van ons zijn vrijwilliger bij de KNRM. Dat zorgt ervoor dat RAV Hollands Midden, de reddingsbrigades en KNRM meer op elkaar raken ingespeeld
×

Ziekenhuizen en Traumacentrum West

Met de ziekenhuizen in onze regio werken we vanzelfsprekend dagelijks intensief samen. Daarnaast werken we nauw samen met Traumacentrum West, het samenwerkingsverband van het LUMC, HagaZiekenhuis en Medisch Centrum Haaglanden.

2016
  • spoedvervoer is met 6% gestegen
  • Totale ritstijging rond de 3%
  • Op initiatief van RAV Hollands Midden is gestart met het Acute Zorgportaal. Het doel: op tijd kennis delen over eventuele sluitingen van afdelingen en capaciteitsbeperkingen
×

GHOR

GHOR: Grootschalige Hulpverlening bij Ongevallen in de Regio. Medewerkers die zijn opgeleid tot Officier van Dienst detacheren we aan de GHOR. Zij geven bij grootschalige incidenten en rampen leiding aan pre-hospitale geneeskundige hulpverleners en werken nauw samen met de officieren van brandweer, politie en gemeente

2016
  • ‘Onze’ OvDG’s zijn in totaal 58 x ingezet. Zij waren betrokken bij onder meer:
  • 20 complexe verkeersongevallen
  • 9 situaties met een grote brand
  • 7 incidenten met gevaarlijke stoffen
×

GGD

De samenwerking uit zich in:

  • het opvragen van advies bij bijzondere infectie- en besmettingssituaties
  • het reageren op huiselijk geweld, kindermishandeling en verwaarlozing. Deze rol nemen wij zeer serieus. Wij realiseren ons dat we als geen ander in staat zijn om ‘achter de voordeur’ te kijken bij iemand en hulp te bieden. Dit geeft ons een unieke positie binnen de keten van zorgverleners

Met de GGD delen we onze moederorganisatie: de Regionale Dienst Openbare Gezondheidszorg Hollands Midden.

2016
  • Aantal meldingen doorgegeven aan ‘Veilig Thuis’ waardoor professionele hulp kan worden geboden: 95
×

Burgerhulpverlening

Bij reanimaties geldt: elke minuut eerder betekent 10% meer overlevingskans. Bij reanimaties voor iedereen van twee jaar en ouder, kunnen opgeleide burgers, politie en BFR’s de reanimatie starten. Wanneer er veel hulpverleners bij de reanimatie zijn betrokken, wordt van ambulancemedewerkers gevraagd coördinerend op te treden, op een directieve en respectvolle manier.

2016
  • Officiële start op 31 maart
  • 2.300 aanmeldingen op dat moment. Aan het eind van het jaar waren dat er 5.300
  • Ruim 450 x gealarmeerd
×

Huisartsen

De samenwerking met de huisartsen is breed en intensief. We ontmoeten elkaar regelmatig bij de patiënt thuis en over en weer vragen we om elkaars assistentie. In het contact met de huisarts vraagt het moment van overdracht aandacht.

2016
  • Samenwerking met 250 huisartsenpraktijken en 5 huisartsenposten
  • Samenwerking rond calamiteitenmeldingen gaat steeds beter: beiden willen leren uit incidenten. Het gaat er niet om wie wat fout deed, maar welke omstandigheden ervoor kunnen zorgen dat eenzelfde incident niet nogmaals voorkomt
  • Samenwerkingsconvenant van 2015 is op basis van ervaringen dit jaar bijgesteld. Wederzijdse verwachtingen zijn explicieter gemaakt om de overdracht verder te stroomlijnen
×

Verloskunde

Specialisme dat we zo af en toe tegenkomen. In onze opleidingsprogramma’s maken we gebruik van elkaars expertise: we verzorgen wederzijds reanimatie- en bevallingstrainingen. Als het echt nodig is, telt immers iedere seconde.

2016
×

GGZ

Zorg voor mensen die verward gedrag vertonen. Is niet altijd uitgesproken ambulancezorg. Er wordt regionaal en landelijk overlegd over een manier van vervoeren die meer recht doet aan c.q. past bij de zorgvraag.

2016
  • Exact aantal meldingen onduidelijk. Deze zorg biedt zich op allerlei manieren aan: via politie, huisarts en psychiater. Als ‘onwel’-melding, trauma of een andere melding via 112
  • Landelijk stijgt het aantal inzetten. In 2016 rond de 75.000 meldingen over personen met verward gedrag. In 2011 waren dat er 40.000. Dat is in 5 jaar tijd dus bijna een verdubbeling
×

RAV’s uit omliggende regio’s

Burenhulp over en weer. Gebruikmaken van elkaars diensten in geval van nood.

2016
  • Tijdens het 3 oktoberfeest in Leiden inzet van twee rapid responder teams met ambulanceverpleegkundigen van Kennemerland en ambulancechauffeurs van onze dienst. Ingezet als twee teams op het evenemententerrein. Konden hierdoor ondanks de menigte snel incidenten bereiken. Dit is zo goed bevallen, dat we hier zelf ook mee willen gaan werken
  • Wij zijn ongeveer 1.200 keer ingezet voor anderen en anderen 500 keer voor ons
×

USAR

Urban Search and Rescue: wordt ingezet in rampgebieden in binnen- en buitenland. Net als een aantal andere publieke RAV’s detacheren we mensen aan de USAR.

2016
  • We hebben 2 verpleegkundigen gedetacheerd. In de afgelopen jaren zijn ze ingezet in o.a. Nepal en Haïti. Jaarlijks volgen ze een aantal trainingen om goed bij te blijven
  • Ook de behandeling van (verwondingen van) de zoekhonden behoort tot de taken van een verpleegkundige tijdens de inzet in rampgebieden. Ieder jaar lopen de verpleegkundigen daarom stage bij een dierenarts
  • Dit jaar niet gevraagd om in Nederland en in het buitenland op te treden
×

Traumahelikopter

Mobiel Medisch Team (MMT). Ingezet op basis van de melding of op verzoek van de ambulancebemanning voor het inbrengen van aanvullende deskundige hulp voor de patiënt.

2016
  • Meer dan 200 x ingezet in Hollands Midden
  • We kunnen een beroep doen op het MMT van Amsterdam en Rotterdam omdat we in het verzorgingsgebied van beide regio’s zitten
  • We hebben 2 ambulanceverpleegkundigen die deels ook werkzaam zijn op de heli. Dit zorgt ervoor dat de kloof die van oudsher bestond tussen ambulance en helikopter kleiner wordt

‘Koppen bij elkaar’

In 2016 moesten we alle zeilen bijzetten. Uit zo’n hoge werkdruk komen ook positieve dingen voort. Zo is de samenwerking tussen RAV HM en de Spoedeisende Hulp van het LUMC sterk verbeterd. Ambulancechauffeur Leonard Pels en Spoedeisende Hulp verpleegkundige Willie de Best gingen om tafel.

‘Dan heb je toch minder van “die man met dat baardje”, maar ken je elkaar bij naam’

De samenwerking is geïntensiveerd. Wat was de aanleiding?

Leonard: ‘Er waren wat strubbelingen over en weer. Dat er niet goed geluisterd werd tijdens een overdracht bijvoorbeeld.’ Willie: ‘Of discussies over wachttijden op momenten dat dat niet echt handig is met patiënten erbij.’ Leonard: ‘Het wordt natuurlijk ook alsmaar drukker op de Spoedeisende Hulp. Eind 2016 zijn we daarom, op initiatief van onze leidinggevenden, met een groepje afgevaardigden bij elkaar gaan zitten om dichter bij elkaar te komen.’

Wat heeft het jullie opgeleverd?

Willie: ‘Bijna alles valt of staat met communicatie. Zo bleek het verschil tussen STIP-verpleegkundigen en Triage-verpleegkundigen niet altijd helder bij de ambulance. Dat levert irritaties op. Als je dan kunt uitleggen waarom je de dingen doet zoals je ze doet, begrijp je elkaar weer.’ Leonard: ‘We zijn ook dichter bij elkaar gekomen door gezamenlijke afspraken te maken over bijvoorbeeld het overschuiven van patiënten. We willen dan natuurlijk rekening houden met de ruggen van het verpleegkundig personeel en met de patiënt in bed.’

‘Samenwerkingsverbanden moet je onderhouden’

Zijn jullie er nu?

Leonard: ‘Samenwerkingsverbanden moet je natuurlijk onderhouden. In 2017 blijven we de koppen dan ook bij elkaar steken.’ Willie: ‘Ook op een informele manier. Dan heb je toch minder van “die man met dat baardje”, maar ken je elkaar bij naam. Dat werkt altijd beter, ook als de druk stijgt.’ Leonard (nadenkend): ‘De aanleiding was wellicht niet zo positief, maar zoals we het met elkaar oppakken, geeft me een heel positief gevoel.’